Hof van Cassatie dwarsboomt strafonderzoek tegen Total
Door Hans De Block
Sinds 1992 houdt de Franse energiereus Total zich bezig met de ontginning van een aardgasveld dicht bij de kust van Birma en het transport van het aardgas tot aan de Thaise grens. De multinational wordt ervan verdacht een belangrijke rol te spelen bij de mensenrechtenschendingen die door de militaire junta gepleegd worden in de regio van de werkzaamheden. In ophefmakende strafzaken over deze feiten in Amerika en in Frankrijk wisten Total en zijn Amerikaanse partner Unocal de slachtoffers telkens te verlekkeren met een aanzienlijke geldsom, waardoor het onderzoek naar de feiten voortijdig werd stopgezet. In een zaak voor de Belgische rechter stak ‘s lands hoogste rechtscollege, het Hof van Cassatie, Total een handje toe.
De aanklacht
Sinds 1962 wordt Birma geleid door een kleine schare van militaire machthebbers. Ze voeren er een wreed en dictatoriaal bewind met hun persoonlijke economische en financieel gewin als enig doel. Mensenrechten worden er met de voeten getreden en elke vorm van protest wordt ongenadig neergeslagen, zoals de vreedzame opstand van monniken in september van vorig jaar.
In 1992 gingen Total, Unocal (ondertussen overgenomen door Chevron) en een Thaïse energiemaatschappij een partnerschap aan met de Birmaanse energiemaatschappij voor de ontginning van het Yadana-aardgasveld voor de kust ten zuidwesten van Rangoon, de vroegere hoofdstad van Birma. Een 63 kilometer lange pijplijn onder de zee en over het land brengt het aardgas tot aan de grens met Thaïland. In de zuidelijke landlengte van Birma leven de Mon en de Karen, twee minderheden die met het Birmaanse staatsleger in een strijd om onafhankelijkheid gewikkeld zijn. De bouw van de pijplijn heeft voor een forse toename van de mensenrechtenschendingen in het gebied gezorgd. Illegale onteigening, dwangarbeid, verkrachting, foltering en moord zijn er schering en inslag. Vele inwoners zijn gevlucht naar kampen aan de Thaïse grens omwille van de voortdurende wreedheden.
Volgens de aanklacht maakt Total zich door zijn investeringen in het project wetens en willens schuldig aan morele en financiële steun aan het regime en zijn wreedheden. Voor de bewaking van de pijplijn door het leger zou Total zelfs logistieke én militaire steun aan het leger leveren. Aan de deal is een grote jaarlijkse transactie – ongeveer 450 miljoen dollar – verbonden die een aanzienlijk gedeelte van de schatkist van de junta vult.
Overal ter wereld worden investeringen van bedrijven in Birma ontmoedigd. Deze investeringen helpen immers de lokale bevolking niet vooruit, maar versterken uitsluitend de greep van het regime. Ook de Europese Unie hanteert hierin een erg strikt en quasi unisoon beleid, alleen voor de energiesector werd een ‘kleine’ uitzondering gemaakt wegens hevig verzet van… Frankrijk!
Procedureslag
Niettegenstaande het klaarblijkelijk omvangrijke bewijsmateriaal, heeft nog nergens ter wereld een rechter zich over de feiten kunnen uitspreken. De druk die de energiereuzen uitoefenen op de slachtoffers en op het establishment zal daaraan niet vreemd zijn. In ieder geval is ook de strafprocedure die in België tegen Total werd ingeleid verworden tot een juridisch steekspel dat zelfs voor ingewijden nog moeilijk te begrijpen valt.
In 2002 legden vier Birmaanse vluchtelingen een klacht neer op grond van de befaamde Genocidewet. Die wet maakte dat ernstige schendingen van het internationaal humanitair recht in België konden worden vervolgd, ook al bestond er geen enkele band met ons land. Onder druk van de Amerikanen – en ook van de Fransen, zo wordt gefluisterd – werd de wet in 2003 aangepast en vanaf dan was het een voorwaarde dat de klacht door een Belg werd neergelegd. Eén van de vluchtelingen was echter in België erkend en volgens een internationale Conventie moet hij daarom dezelfde toegang hebben tot de rechter als een Belgische onderdaan.
In 2005 wordt dit bevestigd door het Grondwettelijk Hof, in antwoord op een vraag daarover van het Hof van Cassatie. Tot verbolgenheid van velen legde het Hof van Cassatie dat arrest van het Grondwettelijk Hof vervolgens naast zich neer en onttrok het de zaak alsnog aan de Belgische rechter.
De bepaling in de wet die zegt dat voor wat de hangende geschillen betreft een Belg de klacht moet hebben neergelegd, werd in 2006 vernietigd door het Grondwettelijk Hof. Begin 2007 vraagt de Minister van Justitie – die zich wél om de zaak bekommert – aan het openbaar ministerie om bij Hof van Cassatie de intrekking van het arrest van 2005 te vorderen, vermits het Hof van Cassatie zich daarbij heeft gebaseerd op een bepaling die – omwille van de vernietiging – geacht wordt nooit te hebben bestaan. Het Hof van Cassatie volhardt echter in de boosheid en weigert het arrest van 2005 in te trekken, op grond van een alweer erg eigenzinnige juridische redenering.
Daarop vraagt de Minister van Justitie aan het openbaar ministerie om het onderzoek naar de klacht dan maar te heropenen. Dat gebeurt in het najaar van 2007, maar de procedure eindigt opnieuw bij het Hof van Cassatie. Dat maakte op 29 oktober 2008 definitief komaf met het strafonderzoek tegen Total.
In 1996 stond België wekenlang in rep en roer na het spaghetti-arrest van het Hof van Cassatie. De verontwaardiging van de bevolking toen was begrijpelijk, maar de hoogste rechters van het land hadden terecht beslist om onderzoeksrechter Connerotte van de zaak Dutroux te halen. Nu heeft het Hof van Cassatie door middel van enkele juridische kromredeneringen het strafrechtelijk onderzoek tegen Total van tafel geveegd. Het vertrouwen van de Birmaanse vluchtelingen in de Belgische justitie werd diep beschaamd en hun zoektocht naar gerechtigheid op wraakroepende wijze gedwarsboomd. Deze keer echter geen spoor van rotte eieren op het Brusselse justitiepaleis…
De film Total Denial (2007) van regisseur Milena Kaneva gaat over de mensenrechtenschendingen door Total en Unocal (Chevron) in Birma en de rechtszaak tegen Unocal in Amerika. Meer info op www.totaldenialfilm.com.
Interview with actor Paweł Szajda: ‘I was used to a kind of dictatorship on the set’
'The Wonderous World of Laundry': forgiving free market in Berlin and Warsaw
Except where otherwise noted, content on this site is licensed under a Creative Commons License



